
Sporten met weinig energie is precies het advies dat je het minst kunt opbrengen, want je wekker gaat en je bent al moe. Je hebt geslapen, maar het voelt niet als rust. Je sleept jezelf door de dag. En ergens in je hoofd zit die stem die zegt dat je moet bewegen, dat het goed voor je is, dat je jezelf laat gaan. Je weet het. En je hebt er de fut niet voor. Elke dag opnieuw wint de vermoeidheid van het voornemen.
Je kijkt naar de fitfilmpjes, de mensen die stralen na hun work-out, en je voelt je alleen maar zwaarder. Dat is een wereld waar jij niet in past. Niet vandaag. Niet met dit lijf dat leeg aanvoelt. En hoe vaker je jezelf voorneemt om te gaan en het niet doet, hoe sterker je gaat geloven dat er iets mis is met jouw discipline. Terwijl je gewoon leeg bent, en een leeg lijf laat zich niet dwingen.
Dit is de valkuil. Je denkt dat sporten met weinig energie betekent dat je jezelf er doorheen moet slepen. Vol gas, zweten, doorbijten. Dus je probeert het op een dag dat je je iets beter voelt, je geeft alles, en de dag erna lig je plat. De vermoeidheid slaat terug, harder dan eerst. En je conclusie is dat sporten niks voor jou is.
Maar je hebt de verkeerde beweging geprobeerd. Een leeg lijf volgooien met intensiteit is als een lege accu op een zware lamp aansluiten. Hij gaat verder onderuit. Je bent niet ongemotiveerd. Je hebt geluisterd naar je lijf, en je lijf zei stop. Dat was terecht. Het probleem is dat bijna alle beweging die je aangeprezen krijgt, uitgaat van een lijf dat vol zit. Harder, sneller, meer. Voor een lijf dat op zijn tandvlees loopt, is dat de verkeerde taal. Je lijf vraagt in die staat om zachtheid, en de meeste programma's geven het juist geweld.
Onder de vermoeidheid zit vaak meer dan een tekort aan slaap. Je lijf staat de hele dag in een lichte staat van spanning. Je schouders zitten hoog. Je adem blijft oppervlakkig. Je systeem staat aan, ook als je op de bank ligt. Dat kost energie, de hele dag door, zonder dat je het merkt.
En dan denk je dat je moet uitrusten, dus je gaat liggen. Maar echt rusten lukt niet, want je lijf blijft aanstaan. Zo raak je in een vreemde toestand. Te moe om te bewegen, te gespannen om te rusten. Beweging lijkt het laatste wat je nodig hebt, terwijl het juist de sleutel uit die klem is. Het gaat er alleen om welke beweging. En die keuze maakt het verschil tussen instorten en opladen.
Hier draait het om. Niet alle beweging kost energie. De juiste beweging geeft energie terug. Zachte beweging, op het ritme van je adem, haalt de spanning uit je systeem. Je lijf zakt uit de alarmstand. Er komt zuurstof waar het dicht zat. En daar, in die ontspanning, ligt de energie die je kwijt was.
Ik zie het vaak bij mensen die op zijn. We doen niet minder van hetzelfde harde werk. We doen iets heel anders. Traag, laag, ademend. En steeds hetzelfde beeld. Iemand komt binnen met een leeg gezicht, en gaat na twintig minuten zachte beweging naar buiten met kleur op de wangen. Niet uitgeput. Opgeladen. Sporten met weinig energie werkt, zolang de beweging zich aanpast aan wat je hebt in plaats van te eisen wat je mist. Spanning kost je de hele dag energie. Als beweging die spanning oplost, komt er kracht vrij die eerst opging aan vastzitten.
Daarvoor moet je één ding loslaten. Het idee dat beweging pas telt als je moe en bezweet bent. Dat idee komt uit de wereld van presteren, en het werkt averechts als je al leeg bent. Twee minuten zacht bewegen is geen zwakke versie van een echte work-out. Het is precies wat een uitgeput lijf nodig heeft om weer op gang te komen. Begin daar. Klein, dagelijks, zonder de lat van iemand anders.
En let op wat er daarna gebeurt. Als je merkt dat sporten met weinig energie je iets teruggeeft, komt de zin om te bewegen vanzelf terug. Niet als plicht, maar omdat je lijf zich het gevoel herinnert. Dat is een heel andere motor dan wilskracht. Wilskracht raakt op. Het verlangen naar iets wat goed voelt, groeit. Geef jezelf de tijd om dat te ontdekken. Je lijf heeft geen streng schema nodig, maar een reden om steeds weer terug te komen.
Het is een visualisatie oefening.
Deze oefening is voor iedereen met en zonder ervaring van sporten.
Dit kan je overal doen en dus ook thuis.
1.1. als je ooit gesport hebt, trek je kleding weer aan. Je fitness outfit, je hardloop broekje, of je yoga smoking.
1.2 Als je nooit gesport hebt, trek makkelijk zittende kleding waarin je jezelf kunt voorstellen dat sport.
2. sta op beide voeten,
3. buig je knieen een klein beetje
4. adem diep en zucht uit. Herhaal dit totdat je voelt dat je lichaam rustiger is geworden
5. Sluit je ogen en visualiseer een beeld waar jij sport. ( het kan een sportschool zijn, yoga ruimte of een atletiek baan. (Maak keuze)
In je visualisatie:
6.1 Wat zie je nu?
6.2 wat hoor je (om je heen)?
6.3 Hoe of wat voel je ? (emoties of iets fysiek of...)
6.4 Wat ruik je?
6.5 proef je iets? (drink/eet of je iets?)
7. maak dit beeld groot en aanwezig.
8. Op het moment dat je weer je ogen opent, voel hoe je je op dit moment voelt.
9. Herhaal het proces
Sporten met weinig energie vraagt om beweging die bij jouw lijf past, niet om nog meer druk. Als de vermoeidheid diep zit of lang aanhoudt, is het goed om ook je huisarts even mee te laten kijken. Wil je ontdekken hoe bewegen jou energie kan geven in plaats van kosten? Plan een proefles in. We beginnen zacht.