
Weer bewegen na lange tijd stilzitten begint meestal met een kreun als je opstaat van de bank. Je knieën kraken. Je onderrug is stijf. Actief til je je schouders op en neer. Je loopt naar de keuken en je merkt hoe zwaar je lijf voelt, alsof het langer heeft geslapen dan de rest van je. Ergens weet je het al een tijd. Zo veel zitten doet je geen goed. Je weet dat sporten of 'meer beweging' je goed zal doen. Maar de gedachte aan bewegen voelt daarentegen als een berg.
Je ziet mensen hardlopen langs je raam en je kijkt weg. Dat kan ik niet meer, denk je. Dat lijf van vroeger ben ik kwijt. En dus blijf je zitten, en de berg wordt elke dag een stukje hoger. Het gaat niet alleen om je conditie. Het gaat om een gevoel dat langzaam is weggeslopen. Het gevoel dat je lijf iets kan. Dat je kracht hebt, souplesse, lucht in je longen. Dat raakte zoek onder de uren op de bank, en met elke week wordt de herinnering eraan vager. Toch zit dat gevoel er nog, dieper weggezakt, wachtend tot je het weer aanraakt.
Waarom weer bewegen zo groot voelt
Je herkent dit misschien. Je wilt weer bewegen na lange tijd stilzitten, dus je bedenkt meteen een plan. Drie keer per week naar de sportschool. Elke ochtend een rondje hardlopen. Je maakt het groot, want zo hoort het toch. En juist omdat het zo groot is, begin je niet. De afstand tussen waar je nu bent en waar je denkt te moeten zijn, is te ver om te overzien. Je verlamt bij de omvang van het plan, nog voordat je een voet hebt verzet.
Dat is logisch. Je lijf heeft lang stilgestaan. Je vraagt het om in één keer een grote sprong te maken, en het weigert. Niet uit onwil. Uit zelfbescherming. Een lichaam dat lang stil is geweest, wil geleidelijk wakker worden, niet met een schok. Je hebt gelijk als je aanvoelt dat die grote sprong niet klopt. Een lijf dat je jaren met rust hebt gelaten en dan ineens vol belast, dat protesteert. Een blessure, dagenlange spierpijn, een knie die opspeelt. En daar bovenop de teleurstelling dat het weer niet lukte.
Je herkent dit misschien. Je wilt weer bewegen na lange tijd stilzitten, dus je bedenkt meteen een plan. Drie keer per week naar de sportschool. Elke ochtend een rondje hardlopen. Je maakt het groot, want zo hoort het toch. Gelijk aanpakken die handel. En juist omdat het zo groot is, begin je niet. De afstand tussen waar je nu bent en waar je denkt te moeten zijn, is te ver om te overzien. Je verlamt bij de omvang van het plan, nog voordat je een voet hebt verzet.
Dat is logisch. Je lijf heeft lang stilgestaan. Je vraagt het om in één keer een grote sprong te maken, en het weigert. Niet uit onwil. Uit zelfbescherming. Een lichaam dat lang stil is geweest, wil geleidelijk wakker worden, niet met een schok. Je hebt gelijk als je aanvoelt dat die grote sprong niet klopt. Een lijf dat je jaren met rust hebt gelaten en dan ineens vol belast, dat protesteert. Een blessure, dagenlange spierpijn, een knie die opspeelt. En daar bovenop de teleurstelling dat het weer niet lukte.
Onder de stijfheid zit iets wat makkelijk over het hoofd wordt gezien. Je bent niet alleen fysiek stil geworden. Je bent ook het gevoel van bewegen kwijtgeraakt. Het plezier van je lijf voelen, het relaxte gevoel na inspanning, het weten dat je lichaam heeft gewerkt!
Dat is weggezakt onder al die uren passiviteit.
En dus voelt bewegen niet meer als iets van jou. Het voelt als iets voor andere mensen. Fittere mensen, jongere mensen, mensen die het nooit hebben laten liggen. Je lijf is een vreemde geworden. Jij en je lichaam zijn een beetje uit elkaar gegroeid en je durft het gesprek bijna niet meer aan te gaan. Zo blijf je vastzitten, letterlijk. Hoe langer je wacht, hoe groter de drempel wordt, en hoe meer je gaat geloven dat het te laat is. Dat is niet zo. Het is nooit te laat om je lijf een teken te geven.
Hier verandert het. Je hoeft die berg niet in één keer te beklimmen. Je hoeft alleen je lijf een klein teken te geven dat je er weer bent. Weer bewegen na lange tijd stilzitten begint niet bij de sportschool. Het begint bij één beweging, vandaag, in je eigen keuken of tijdens kantoor uren.
Ik zie het bij mensen die maanden, soms jaren, niet echt bewogen hebben. We beginnen nooit groot. We beginnen bij één gewricht, één ademhaling, één moment waarop het lijf denkt: o ja, dit ken ik nog. Dat kleine ja is het begin van alles. Een lichaam dat opnieuw ontdekt dat het mag bewegen, wil vanzelf meer. Je hoeft jezelf niet te dwingen. Je maakt je lijf alleen wakker, zachtjes, zodat het je weer vertrouwt. En dat vertrouwen is het echte werk. Elke kleine, prettige beweging schrijft het oude verhaal een beetje om, tot je op een dag uit jezelf opstaat om te bewegen.
Het mooie is dat je lijf sneller reageert dan je denkt. Na een paar dagen kleine beweging merk je dat opstaan iets soepeler gaat. Dat je iets rechter loopt. Dat je 's avonds minder stijf op de bank zakt. Kleine tekenen, en ze doen ertoe, want ze bewijzen aan je lijf dat bewegen loont. Zo bouw je vertrouwen op, stap voor stap. Weer bewegen na lange tijd stilzitten is dus geen sprong die je in één keer maakt. Het is een reeks kleine ja's, achter elkaar, tot beweging weer bij je hoort in plaats van tegenover je staat. Je hoeft niemand iets te bewijzen. Je hoeft alleen vandaag even te bewegen, en morgen weer, en het lijf doet de rest.
Wanneer je actief naar een beeldscherm terwijl je zit óf staat, stop en ga naar buiten. Het is heel simpel en te doen.
Ga wandelen. Je traint je ogen al goed genoeg om binnen de kaders te kijken van je beeldscherm. Geef ze graag iets anders te zien. Vraag het aan ze.
Ga wandelen omdat je twee armen en benen hebt.
Ga wandelen omdat je een romp hebt.
Ga wandelen omdat je als die overige lichaamsdelen, behalve je hoofd, beweging nodig hebben.
Neem je hoofd mee in de wandeling!
Wandel je al?
Voer je tempo een klein beetje op. Maak de wandeling iets actiever voor je lichaam. Nadat je terugkomt, kan je tegen je zelf zeggen dat je je lichaam echt voelt.
Loop je samen met je collega's?
Neem ze mee in jouw tempo en laat iedereen een beetje sporten!
Weer bewegen na lange tijd stilzitten hoeft niet groot te beginnen. Het begint bij één stap die je vandaag zet, en morgen weer. Wil je die eerste stappen samen zetten, in een tempo dat bij jouw lijf past?
Plan een proefles in. We beginnen precies waar jij nu bent.